Toekomstdroom

In het Huis van de Roos maak je kennis met Falk, leider van de Afranen en een gevaarlijk personage. Dat is hij niet zomaar, daar ging iets aan vooraf. In dit verhaal krijg je daar een idee van.

Dit gaat niet lukken. Falk keek naar het tafereel voor hem. Zijn vader uitgezakt op de bank met een ontbloot bovenlijf, hoofd achterover en de mond open. Over zijn schoot een slapende hoer met uitgelopen make-up, haar gele jurkje verfrommeld en haar string voor hem op de grond. Rechts nog een lege fles whisky, op de grond een lege fles dryan. Geen enkel kind zou een ouder zo moeten zien, maar voor hem was het bijna dagelijkse kost.

Het was drie uur in de middag en om vier uur begon het feest ter ere van het hoogheerschap van Aron uit het Huis van de Roos, het machtigste Huis van de Afraanse edelen. Arons vader was zes maanden geleden overleden en na het eindigen van de rouwperiode kon er weer gefeest worden. Een waardig feest. Niet zoals zijn vader en hoogheer uit het Huis van de Adelaar: elke dag jezelf bezatten met een hoer als gezelschap.

Falk liep de kamer uit. Er zat niets anders op dan alleen te gaan, maar misschien was dat ook wel beter. Hij zou zeggen dat de hoogheer ziek was en zo heel ver van de waarheid was dat niet. Het wit van zijn vaders ogen werd steeds geler, een teken van leverfalen had hij ergens gelezen. Over drie jaar werd Falk achttien en kon hij zelf het hoogheerschap op zich nemen.

Nog drie jaar volhouden en vernederingen slikken. De kots en urine opruimen als zijn vader weer eens laveloos was. De hoeren de deur uit gooien als ze bleven hangen. De klappen opvangen als zijn vader als een klein kind zijn zin niet kreeg of gewoon om niks boos was.

Sinds zijn tiende levensjaar, toen zijn moeder hem hier achterliet, zorgde hij al voor zichzelf.

De belangrijkste kostbaarheden die het Huis van de Adelaar nog bezat hield Falk voor zijn vader verborgen. Die zou zelfs de gouden sleutel met het embleem van de Adelaar, hét symbool van een hoogheer, verkopen voor drank en vrouwen. De meeste kamers van het Huis waren gesloten, meubels verkocht. Een groot deel van hun fabrieken opgeëist door schuldeisers. Via een oudoom die medelijden met hem had, had hij aandelen gekocht van goedlopende ondernemingen. Ze stonden op naam van zijn oom, maar hij kreeg 50% van de opbrengst. Het stond op een rekening waar zijn vader niet bij kon. Hij zorgde goed voor zichzelf. Nog drie jaar.

Natuurlijk werd je pas hoogheer als de vorige overleden was of afstand had gedaan. Misschien leefde zijn vader wel langer dan drie jaar. Falk had al bedacht of hij tegen die tijd niet een procedure kon starten om de man onbekwaam te verklaren, zodat hij gedwongen werd afstand te doen als hoogheer. Er zouden heel wat schuldeisers blij zijn met zo’n actie.

Eenmaal in zijn kamer kleedde Falk zich om. Hij bekeek zichzelf in een oud pak van zijn vader. Het jasje van zwart fluweel met een geborduurde adelaar was te breed, de matzwarte broek iets te kort. Vannacht had hij weer wakker gelegen van de groeipijn in zijn knieën. Hoe lang was hij nu? Ongeveer één meter vijfentachtig en er kwam nog bij. Hij zou iemand worden die indruk maakte als hij een ruimte binnenstapte. Het nu nog slungelige lijf zou getraind raken als hij over een jaar aan de militaire academie kon starten.

Straks zouden de aanwezig edelen op Arons feest weer vol medelijden naar hem staren. Hij kende de meewarige blikken. Niemand sprak er over met hem, alleen achter zijn rug om. Hij haatte die blikken. Eens kwam er een tijd dat ze hem bewonderden. Kijk, is dat niet hoogheer Falk? Die man heeft eigenhandig het Huis van de Adelaar weer opgebouwd en het is nu veel belangrijker dan het Huis van de Roos! Falk bekeek zijn spiegelbeeld, zag de man die hij zou worden en grijnsde. Ja, zo zou het gaan. Het gaat me lukken.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.