Kyrils nachtmerrie

In Terra 7 boek 1 Het groene kristal krijgt Kyril last van nachtmerries. Geen gewone nachtmerries, maar dromen waarin hij steeds weer sterft en de pijn daarvan voelt. De dromen worden zo hevig dat hij op een gegeven moment niet meer weet wat droom en werkelijkheid is. Hier kun je lezen welke droom aan dat moment vooraf ging.

‘Hé bastaard, heb je nog niet je plaats geleerd!’

Kinderen die net iets ouder waren dan hij, renden achter hem aan. Hij kreeg een trap in zijn rug en viel om. De kinde­ren kwamen om hem heen staan. Ze lachten hem uit en schop­ten hem. Het uitlachen en schelden deed hem meer pijn dan het schoppen.

‘Je moeder was een vuile Sasjan! Je vader was een Afraan! Weet je hoeveel Sasjans en Afranen mijn ouders gedood hebben?  Ze zouden hetzelfde met jou moeten doen!’ riep een meisje naar hem.

‘Dan doe ik het’, sprak een al wat oudere Anatoolse jongen. Hij had een energiepistool in zijn hand en richtte het op hem.

Kyril werd doodsbang. Hij kon zich nog herinneren dat het pistool in het echt ongeladen was geweest, maar dit was zijn droom, nu was alles anders.

De jongen vuurde en trof hem in zijn borst. Hij schreeuwde het uit van pijn. Hij rook de geur van zijn eigen verbrande vlees. Bloed stroomde uit de gapende wond. Om hem heen stonden de kinderen hem nog steeds uit te lachen. Eindelijk werd het zwart voor zijn ogen.

Maar hij werd niet wakker. Hij belandde midden in de ber­gen, waar hij op patrouille was. Achter hem klonk een gil. Ze waren in een hinderlaag van Sasjans gelopen en werden door hen omsingeld. Ze lieten zijn kameraden met rust en kwamen recht op hem af. Hij wilde zich verdedigen, maar zijn armen maakten niet meer dan een hulpeloze beweging. Eén voor één staken de Sasjans, als in een plech­tigheid, een mes tussen zijn rib­ben. Iedere nieuwe messteek overtrof in pijn de vorige. Nie­mand van zijn kamera­den hielp hem.

Pas toen alle Sasjans hun mes in zijn borst geplant hadden, begaven zijn benen het en zakte hij in elkaar. Hij vocht tegen de pijn, hij vocht tegen de droom. Het is een droom! gilde het door zijn hoofd. Het hielp niet.

Hij kwam terecht op het slagveld van het Afraanse offensief, midden tussen de lijken en een vechtende mensenmassa. Achter hem doemde de ursus op, het dodelijke geheime wapen van de Afranen. Het grote gitzwarte ding gleed langzaam op hem af. Hij raakte totaal in paniek en wilde ervoor wegrennen, maar zijn benen leken wel van rubber en het afgrijselijke ge­vaarte kwam steeds dichterbij.

Door een harde, pijnlij­ke slag tegen zijn benen, viel hij neer. Zania stond achter hem en ze hield haar metalen wapenstok opgehe­ven. Nog geen seconde later sloeg ze de stok op­nieuw tegen zijn benen. Een luid gekraak en een golf van pijn, maakte hem duidelijk dat ze gebro­ken waren. Hij keek Zania vra­gend aan.

‘Je bent maar een man’, verklaarde ze en ze lachte erbij.

De ursus was hen dicht genaderd. Kyril draaide zich om en zag dat de loop van het kanon op hem gericht was. Dion kwam tussen hem en de loop staan.

‘Dion help me’, smeekte hij.

‘Het spijt me, maar dat zou me mijn ogen kosten’, antwoordde Dion koel. Nu pas viel het hem op dat Dion nog kon zien.

‘Dion nee! Ga niet weg. Laat me leven Dion. Alsjeblieft! Laat me leven!’

‘Jouw dood geeft mij mijn ogen’, en Dion stapte voor de loop weg.

‘Nee!’

Het maakte niets uit, het kanon vuurde en Kyril voelde hoe zijn lichaam uiteen gereten werd.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.